Energiebeheer

Aan discussies, problemen en zorgen  over energie geen gebrek. We worden er dagelijks mee geconfronteerd. Dan gaat het over verduurzaming in algemene zin, over warmtepompen, zonnepanelen, electrische auto’s , kerncentrales, fossiele brandstoffen, over datacenters en noem maar op. Vaak ingewikkelde kwesties waar de gemiddelde burger het fijne niet van weet.
Bij alle reuring rond de fysische energie gaat het vreemdgenoeg zelden over de energie van individuen: hoe we daarmee omgaan en wat we daarmee met elkaar doen op alles niveaus  –  privé,  maatschappelijk, cultureel, mondiaal. Toch geeft de dikke Van Dale als eerste betekenis van energie : geestkracht, vitaliteit. De twee componenten van menselijke energie – geest en lichaam – die  de kracht bepalen waarmee je iets doet, ergens naar streeft. Pas in de tweede plaats spreekt het woordenboek over natuurkundige energie – de energie dus waar het tegenwoordig vooral over gaat. 
De onbalans in onze aandacht voor de twee verschillende soorten energie is in feite raar. Dat persoonlijk energiebeheer zo onderbelicht wordt in opvoeding, scholing en cultuur, zeg maar in het algemene bewustzijn,  zou wel eens sterk verband kunnen houden met veel problemen ‘in het groot’.

Een beeld kan dit verduidelijken. Stel dat je je bewust bent van het feit dat je als mens per dag een afgepaste portie energie krijgt waar je het mee moet doen. Stel dat dit in de vorm van een pakketje bij je wordt bezorgd zodra je ’s morgens wakker wordt. Stel dat je het met aandacht bekijkt en keuzes maakt omdat je weet dat het aan het eind van de dag op is ( je bent dan zo moe dat je wil slapen: even niks!). Wat kies je dan in denken en doen? Hoe zuinig ben je op je krachten en wat geef je prioriteit?
De verbeelding kan nog verder gaan. Je kunt je ook voorstellen dat je leven in zijn totaliteit een bepaalde hoeveelheid energie heeft meegekregen die je niet kent en die niet zozeer te maken heeft met de leeftijd die je zult bereiken, maar die je al of niet zorgvuldig beheren kunt.

Het energiebeheer dat voor ieder menselijk wezen geldt bevat enkele hamvragen.
Hoe kun je je krachten – per dag én over de langere termijn – het beste gebruiken? Voor wat en voor wie?  Op welke manier? Wat kun je beter doen of laten?  Wat zou je beslist niet meer doen als je hoorde dat jouw pakketje levensenergie vrijwel verbruikt is, op is geraakt? Of wat zou je juist wel oppakken zolang het nog kan? Mensen die het einde in zicht krijgen maken soms een bucketlist. Dat kan praktische zaken betreffen, maar ook veel dieper gaan. Het lijkt erop dat ons energieverhaal pas dan goed tot ons doordringt wanneer het heel (of te) laat is.
Wie een zware ziekte of psychisch lijden doormaakt wordt noodgedwongen bewust van de werkende energie: bij welke gedachten en bezigheden of  in welke situaties verlies je kostbare krachten of voel je die juist binnenstromen? Menigeen komt na een donkere tunnel in zijn of haar leven tot heel andere keuzes dan daarvoor omdat het energiekompas opgehelderd is.  Sommigen moeten het blijvend doen met bescheiden of wisselende pakjes kracht die dagelijks worden bezorgd. Ze moeten zich daarbij neerleggen, een proces dat op zich ook weer energie vraagt en lang niet voor iedereen gemakkelijk is.
Hoe dan ook is het puur persoonlijke energiebeheer een  kwestie van leren voelen, opmerken, serieus durven nemen en passende keuzes maken in alles wat er met je gebeurt.  Wanneer je je voortdurend ergert aan onbenulligheden, kun je dat gerust doen. Als je maar weet en kunt voelen dat dit een vorm van grootverbruik van energie betekent. Wanneer je je diepgaand ergert aan misstanden of onrecht,  komen we op een ander terrein.
Het intermenselijke landschap verkeert vanuit het oogpunt van niet-fysische energie in ronduit zwaar weer. Oorzaak: een verspilling die haar weerga niet kent. Wie dit diep betreurt of zich teveel aantrekt moet waken over zijn of haar levensenergie: iedereen blijft uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor het persoonlijke beheer.

Wat is er aan de hand? Op het sociale vlek (of moeten we meteen maar zeggen: in de omgang tussen wereldburgers, inclusief politici), maar ook op technologisch gebied gebeurt onnoemelijk veel dat gerust een energiecatastrofe kan worden genoemd.
Kostbare, mogelijk niet meer aan te vullen  krachten gaan verloren aan oorlogen en destructie, aan macht en machteloosheid, aan geldjacht, aan het elkaar de maat nemen en onverdraagzaamheid,  aan bekrompen denken en angsten, aan vals gebruik van de taal, aan miscommunicatie….
Wat de technologie betekent voor de vitale en geestelijke energie van mensen is nog maar helemaal de vraag. Enerzijds: zo leuk dat we alles meteen op kunnen zoeken, scheelt toch tijd en dus energie? Anderzijds: zo zonde, de tijd en dus energie die heengaat met overbodigheden op sociale media en zo ziekmakend het feit dat alles zo ingewikkeld wordt…

Hoe lang heeft de aarde nog tijd van leven? Hoeveel van het energiepakket is verbruikt? Hoeveel krachten zijn verspild – in materie maar zeker ook in de geest?
Terwijl het overzicht verdwijnt kunnen we ons collectief aan een nieuwe training zetten. Onze dagen tellen en daarbij bedenken wat we niet meer willen doen.