Kwetsbaarheid

Te pas en te onpas hoor je tegenwoordig spreken over kwetsbaarheid. Niet alleen worden personen soms kwetsbaar genoemd, ook instanties of bedrijven kunnen in een kwetsbare positie belanden, zo horen of lezen we vaak.  Eigenlijk  wordt het woord voor alles en iedereen gebruikt wat niet sterk, stevig of stoer is – of althans dat lijkt te zijn. In feite is het een geliefd modewoord geworden dat appel doet aan allerlei reacties en associaties in onszelf die we menen te begrijpen maar waar we graag weer snel aan voorbijgaan.  Zo is de oproep aan mannen om zich ook eens wat kwetsbaarder op te stellen een typisch voorbeeld van taalgebruik dat zo’n vijftig jaar geleden tijdens  de tweede feministisch golf opkwam.  Globaal wordt er mee bedoeld dat ook mannen bereid zouden moeten zijn naar buiten te komen met hun gevoelens en met wat zij als moeilijk in hun leven of situatie ervaren. Wat dat vervolgens met henzelf of de omgeving zou doen wordt in het midden gelaten.
Rond kwetsbaarheid hangt een waas van ‘ iedereen weet wel zo’n beetje wat het betekent, dus laat verder maar’. De term bekt lekker makkelijk en is qua betekenis naar alle kanten uitgewaaierd. Tegelijk sluit zij – eenmaal gezegd of neergeschreven – een wereld af.

Vanuit de huidige praktijk is het interessant te kijken naar wat het gezaghebbende woordenboek van Van Dale eigenlijk met het woord doet. Wat blijkt? ‘Kwetsbaar’ en ‘kwetsen’ zijn te vinden,  maar kwetsbaarheid ontbreekt!  Het woord is eenvoudig overgeslagen. Daarbij valt op dat bij kwetsen in de eerste plaats wordt gesproken van fysiek beschadigen en verwonden voordat – als derde betekenis pas – het ‘onaangenaam of pijnlijk treffen in de gevoelens’ aan de orde komt.
Kwetsbaar wordt dan weer wel omschreven met  ‘heel gevoelig zijn’ , maar ook alleen maar zo.  Kortom, je ontkomt niet aan de indruk dat deze aandacht wel wat mager is vergeleken bij de manier waarop het woordenboek andere termen gewoonlijk uitspit en dat zij afstemming op het moderne woordgebruik ten dele mist.

Allereerst is kwetsbaarheid een feit óf een gevoel.  Daar ligt een groot verschil. Iets of iemand ís kwetsbaar: dit zeg je van buitenaf, het is de blik van de buitenwereld. Of je vóelt je kwetsbaar: dat kan om allerlei redenen zijn en gaat dikwijls gepaard met angst, depressie of paniekproblemen.
Het belang van dit onderscheid ligt hierin dat bijvoorbeeld iemand die voor de buitenwereld kwetsbaar is (lijkt), zichzelf niet noodzakelijkerwijs kwetsbaar hoeft te voelen. Een blinde, gehandicapte, einzelgänger  of anderszins als ‘zielig’ beschouwd persoon kan zich heel weerbaar en happy voelen. Omgekeerd kan een succesvolle ondernemer in een gelukkig relatie of ieder ander mens die voor de buitenwereld prima functioneert zich innerlijk heel kwetsbaar voelen. Wat weten we immers echt van een ander? Er bestaan karakters die enorm geraakt wordt door alles wat voortdurend in het leven (of in de wereld!)  gebeurt en de kwetsbaarheid van alles en iedereen, dus ook die van henzelf, heel bewust en pijnlijk ondergaan.  

Behalve voor personen gebruiken we ‘kwetsbaarheid’ tegenwoordig voor de meest uiteenlopende zaken en situaties. Bedrijven die het niet lijken te redden, de economie in haar algemeenheid, regeringen, het onderwijs, gezag, instituten als huwelijk en kerk, de omroep enzovoort. Alles wat niet meer floreert als voorheen, waar vermindering of verval aan de orde lijkt te zijn , vooral ook wat op dreigt te houden noemen we kwetsbaar.
Dit is een wel heel ruime interpretatie van het woord, dikwijls voortvloeiend uit een achterliggend wereldbeeld, ideaal, norm of verwachting. Niet zelden ontbreekt daarbij  reflectie op een mogelijke voortgang van dingen op andere wijze, op transformatie dus.  

In strikte zin gaat kwetsbaarheid over pijn – in geestelijke zin of  fysieke vorm. Over een blootgesteld zijn aan gevaar dat op de loer ligt. Vaak gaat het over iets mógelijks, iets wat in de toekomst zou kúnnen gebeuren. Maar dat is niet altijd  het geval.  
Hele stammen, bevolkingen en minderheidsgroepen op aarde leven in extreem kwetsbare situaties en lopen onmiddellijk gevaar. Iedere dag, ieder moment kunnen bommen vallen, onderkomens worden vernietigd, dierbaren worden opgepakt en in de gevangenis of erger verdwijnen. De plekken in de wereld waar het fysieke kwetsen overheerst zijn legio. In onze regio’s, dichter bij huis, is het acute, verpletterende gevaar minder maar heersen dezelfde mechanismen als overal. Verstoting, agressie  of uitsluiting als je anders wilt lopen dan de groep, je nek uitsteekt  of voor de waarheid vecht, zoals bijvoorbeeld klokkenluiders dat doen.  
Daarnaast heerst bij ons de laatste decennia nog een ander verhaal dat te bizar is voor woorden. Bewust kwetsen en gekwetst worden. Pijn lijden en beschadigen.  Waar in de geschiedenis, langs welke weg, werd deze afslag genomen? We moesten ons schamen om de domheid waarmee we de ruimte die tolerantie heette zo hebben verwaarloosd en hebben opgevuld met giftige pijlen  en niksigheid. Je hoeft de kwetsbaarheid niet onnodig uit te dagen. Sterker nog,het is spelen met vuur.

Kwetsbaarheid is de grootste gemene deler op aarde voor mens, plant en dier. Kostbaar, essentieel materiaal waarmee we – ook! – moeten werken. Ontkenning, misbruik of minachting van haar zullen de wereld niet verder helpen. Integendeel. Je kunt de helft van een DNA niet ongestraft  afserveren .
Kwetsbaarheid verdient alleen al hierom respect en oprechte belangstelling omdat zij wel eens een onmisbare sleutel  naar de toekomst  zou kunnen zijn.